Lekker ingestopt in mijn knusse bedje bedenk ik me, met een frisse neus, dat de ducktapereparatie van Rune aan het afvoergat van de verwarming mogelijk iets met het defect te maken heeft. Wanneer ik na het opstaan de dop een paar meter verder in het gras zie liggen, weggeblazen tijdens een van de zuchten van gisteren, zie ik dat hij in zijn zorgvuldigheid het aanzuiggat voor lucht mee heeft afgesloten et voila, bij deze werkt de verwarming terug en kunnen we onze laatste dagen met ons beperkte comfort doorbrengen. We rijden naar familieleden in de Perigord en ik vraag me onderweg af of in deze streek de eenentwintigste eeuw al is ingezet. We kronkelen langs kleine baantjes langs bastides en bourges en wanen ons in de tijd van prinsen, al dan niet op witte paarden, die draken verslaan om prinsessen te redden uit schilderachtige torens. Helaas zien we in plaats van stijlvolle figuranten uit sprookjes eerder griezelige wegpiraten die methoge snelheden arrogant het midden van de weg claimen waardoor ik een paar keer ademhappend tot stilstand kom om mijn hartslag even onder controle te krijgen en na te gaan of de linkerkant van ons busje nog aanwezig is. Het kan de pret om de uitzichten niet drukken en in al die schitterende groene golven zien we bordjes die, in andere seizoenen, noten, perzikken, meloenen, pruimen en vooral noten beloven. We logeren een paar dagen bij twee goden in frankrijk en krijgen een idee van het foie gras-gevoel door de heerlijke watten die onder ons gelegd worden en de zalige ovenschotel op ons bord. (een ovenschotel, dat ik dat weer mag meemaken!) We bezoeken een paar charmante dorpjes en
genieten van de rust en de traagheid van dit tijdloze gebied. We ploegen, uit pure dankbaarheid, de oprit bijna om door ons vast te rijden in de drassige bodem en laten hier een duidelijk spoor achter. We slingeren ons dan verder door plaatsjes waarvan de naam langer is dan de dorpsstraat en zoeken ons een weg naar het Noorden. De boeren waar we willen overnachten zijn geen boeren meer, of ontvangen geen campers meer of zijn niet thuis en het wordt een beetje zoeken naar een plekje om te slapen. Tenslotte vloek ik me heldhaftig de Parijse ring rond om in de Champagnestreek een laaste Franse nacht te slapen. Met een hartslag die records breekt en een stuk zeep in de mond om mijn verbale agressie weg te spoelen, en een dweil onder elke oksel om het angstzweet op te vangen, komen we dus opnieuw in een prachtig stukje Frankrijk aan. Ik kan een champagneproefbeurt wel gebruiken na dat stukje Periferique maar helaas is deze wijnboer ook carrosier en vandaag staat hij duidelijk ,met zijn handen vol smeerolie, niet te wachten op een degustatieklant. We mogen van zijn erf en zijn gastvrijheid gebruikmaken en we flansen met vissoep uit een zakje en croutons van oud brood een 'laatste avondmaal' in elkaar. Zaterdag zijn we in Rumbeke bij Schoonbroer en Schoonzus. Grappig hoe we naar huis rijden van verre familie naar dichter, naar thuis. We maken de kring rond door aan te komen waar we vertrokken zijn, ik hou wel van zulke dingen.
Het is een beetje vreemd, dat laaste stuk, elke kilometer brengt ons dichter bij geliefden en vrienden maar ook bij dagelijkse dingen en routines en verder weg van het reizen en onderweg zijn, van de uitzichten en de ontmoetingen, de gesprekken en de grapjes met elkaar. Ik neem afscheid van alles wat ik zie en zuig me tegelijk nog helemaal vol met landschappen die steeds herkenbaarder worden. In het Noorden van Frankrijk, nog voor het aftellen naar de grens begint, zien we een vlucht trekvogels huiswaards vliegen. Het kan niet symbolischer en het raakt me ongelooflijk, hoe synchroon dingen kunnen gaan.
Dit weekend blijven we nog in Rumbeke en maken een prachtige wandeling in de omgeving van Ieper. Ik zie weer knotwilgen en slijk met stoppels mais, ik zie weer vette, volle Vlaamse grond en vluchten spreeuwen. Ik zie stevige boeren kerktorens en intrieste soldatengraven die serreen proberen te blijven bij een gruwelijk verleden waar ze stil van getuigen. Ik zie mensen die ik graag zie. Het is fijn om even frisse lucht te ademen en eigen bodem, het is weer voet aan de grond krijgen.
Ik moet nog een afscheidsbrief schrijven; afscheid van een reis.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten